Dienstag, 4. Oktober 2011

Parbode Surinaams opinie maandblad - Boedelkwesties remmen ontwikkeling Para

Parbode Surinaams opinie maandblad - Boedelkwesties remmen ontwikkeling Para:

Boedelkwesties remmen ontwikkeling ParaPDFPrintE-mail
Written by Maike Veltman
SATURDAY, 01 OCTOBER 2011

para1.jpgVerdeeldheid over verdeling

“Kijk, hier stroomt een kreekje.” Errol Gezius trekt met zijn pen twee kronkelende lijnen op het kladblok dat voor hem ligt. “Langs de kreek staan al wat vakantiehuizen. Hier de oude plantagewoning.” Met simpele kruisjes tekent hij de woningen. “Hier is een moeras, daar wil niemand wonen. Hier wil iemand misschien een vakantiepark bouwen. En de rest is bos.” Hij legt de pen op tafel. “Zo. En hoe verdeel je dat nou?” Op het kladblok voor hem ligt het boedelprobleem van Para. Het land is van zovelen, maar daardoor eigenlijk van niemand.

Na de afschaffing van de slavernij werden veel plantages opgedoekt. Op een aantal kwamen contractarbeiders, Javanen en Hindostanen, maar in Para staakten vrijwel alle plantages met de productie. De ex-slaven werden in de gelegenheid gesteld om stukken grond op te kopen voor een relatief laag bedrag. Families en vrienden zetten hun geld bij elkaar en al snel was het overgrote deel van Para verkocht. Met een sweri, een handeling in de winti, werd de koop kracht bijgezet en afgesproken dat het land altijd in de familie moest blijven. Het werd bestemd voor de kindskinderen van de kopers die er alles mee mochten doen, behalve verkopen. De grond werd boedel.
Errol Gezius is een nazaat van één van de zeven families die de plantage Hanover-Mawakabo hebben opgekocht, een gebied van meer dan zeshonderd hectare. “Een geschenk. Onze voorouders zouden een standbeeld moeten krijgen”, aldus Errol. Het was een geniaal idee in die tijd, maar inmiddels lopen de getallen van de kindskinderen tot in de honderden. Wie heeft recht op welk stuk grond?

para2.jpgOnder-de-tafelgedoe
Nu is het zo dat elke plantage een bestuur heeft dat met name dit vraagstuk moet oplossen. Het bestuur wordt gekozen door de nazaten, alleen in de praktijk blijkt dat veel besturen niet goed functioneren. Hier en daar wordt zomaar grond uitgegeven aan derden. Er is veel corruptie en onder-de-tafelgedoe. In februari dit jaar is er een grote Paraconferentie gehouden waar dit vraagstuk uitvoerig besproken is. Allerlei documenten kwamen op tafel, plantagebesturen gingen onderling in discussie en er waren lezingen van voorname personen uit het politieke leven van Suriname. Nu, een half jaar verder, is er weinig veranderd. Regelmatig klinkt een kreet uit diverse hoeken van de samenleving, maar een structurele oplossing blijft uit. Terwijl het zo simpel kan zijn.
Benito Cairo (47) is daar met zijn familie het levende bewijs van. Hij is een nazaat van de familie Cairo die samen met vijf anderen plantage Mijnhoop heeft opgekocht, beter bekend als Republiek. Veel van de zijstraten in de weg naar Republiek dragen de naam Cairo. Benito is opgegroeid in Suriname, maar heeft zijn werkende leven in Nederland gewoond. “Ik was achttien toen ik hoorde van Para en ons aandeel daarin. Mijn moeder kon toen aanspraak maken op een stukje en ze vroeg of ik ook wilde. Ik had toen nog geen beeld wat ik wilde doen, maar door de jaren heen kreeg mijn idee steeds meer vorm. Pas twee jaar geleden hoorde ik hoe de vork werkelijk in de steel zat en dat mijn voorouders het na de slavernij hebben gekocht.”

para3.jpgNatuurdorp
Cairo loopt nu al jaren met het plan om een natuurdorp te bouwen en te runnen aan de Coropinakreek, die dwars door Para loopt. Het afgelopen jaar hebben twee onderzoekers van de Hanzehogeschool in Groningen onderzoek voor hem gedaan naar de behoeftes van de Surinaamse bevolking en hun verwachtingen van zo’n natuurdorp. Cairo is nu terug in Suriname om de definitieve plek op Republiek te bepalen waar zijn droom gebouwd kan worden. “De mooiste gebieden zijn al vergeven aan banken en directies van organisaties. Ik heb dan zoiets van ‘damn’. Ik ben toch een Cairo?” Hij neemt het serieus op. Recentelijk trok hij samen met een junglekenner door het gebied om eens goed te kijken hoe alles eruit ziet. “Ik heb een bepaald beeld van welk stuk grond ik wil. En ergens heb ik het gevoel dat dit ook bestaat. Ik wil niet vanaf de kaart een stuk toegewezen krijgen, maar ook echt weten hoe het eruit ziet. Wat voor bomen staan er? Hoe loopt de kreek? Wat voor grond is het?” De meeste rompslomp gaat in het juridische gesteggel zitten. “Je krijgt toezeggingen van mensen uit commissies, maar ben je in gesprek met anderen dan hoor je weer hele andere verhalen.” Veel wordt niet vastgelegd en daardoor ontstaan er volgens Cairo veel onderhuidse spanningen. “Dit is Suriname, je weet niet hoelang de dingen gaan duren.”
Errol Gezius heeft er net als Cairo vaak genoeg mee te maken gehad. Hij zit samen met zijn broer in een commissie die de ontwikkeling van de plantage Hanover-Mawakabo moet stimuleren. “In feite heb je toestemming nodig van alle nazaten. Boedelscheiding staat bij de commissie niet op de agenda, maar bij andere nazaten van Hanover wel.” Dat maakt vooruitgang lastig. Er hoeven maar een paar mensen tegen te stribbelen of de plannen gaan niet door. Daarbij komt nog dat veel plantagebesturen niet goed functioneren. “Het bestuur van Hanover wil niet opstappen. Bepaalde bestuursleden geven zomaar grondbeschikkingen uit. Dat kan natuurlijk niet.” Errol wil dat er een ontwikkelingsplan komt voor de hele plantage waarin iedereen zijn eigen plek kan krijgen. Wat hij persoonlijk zou willen: “Iets met toerisme. Een soort vakantiepark, met educatie over de natuur.”

para4.jpgFinanciering
De plantages lopen her en der leeg. Op plantage Hanover staan zo’n twintig huizen maar er wonen misschien maximaal tien mensen. Er is geen elektriciteit en goede wegen zijn er ook niet. Vroeger werd nog aan landbouw gedaan en woonden er mensen, maar tegenwoordig trekken vooral de jongeren naar de stad. Want wat is er nog te doen in Para? Niet alleen trekken ze naar de stad, veel zitten ook in Holland. Errol: “Ze hebben nauwelijks affiniteit met de grond of ze bekijken alles met een Europese bril.”
Juridisch hebben ze evenveel rechten, de kindskinderen die nu in Nederland wonen, maar Errol heeft er toch bepaalde gevoelens bij. “De vriend van mijn zus woont al dertig jaar in Nederland. Hij komt eens in de tien jaar terug, maar vindt zichzelf een rasechte Surinamer. Wat ben ik dan? Wat maakt dat mij?” Cairo is een dergelijk voorbeeld van een verhollandste Surinamer die terugkomt met grootste plannen voor ‘zijn’ familiegrond. Hij vindt het onzin dat hij niet evenveel recht zou hebben. Hij neemt het voorbeeld aan zijn tante: “Na haar pensioen is ze teruggekomen en heeft ze een huisje gebouwd. Ideaal, de grond is er. Je hoeft alleen maar zelf iets neer te zetten en je mag er gewoon gebruik van maken.” Zijn tante woont heerlijk aan de kreek, verbouwt haar eigen groenten en slacht haar eigen kippen. “Wat zij in het klein heeft, wil ik in het groot. Alles in en met de natuur.”

para5.jpgLokale gewassen
Cairo is één van de weinigen die actief concrete plannen maakt om Para te helpen ontwikkelen. Zijn idee voor een natuurdorp is er een om Para duurzaam te helpen. “Ik wil werk creëren voor de Paranen, lokale gewassen verbouwen. Er moet educatie komen over het gebied en de geschiedenis.”
Helmut Gezius is Errols broer en zit in dezelfde commissie als Errol. Hij benadert al het gesteggel over en weer op een andere, veel positievere manier. “Het is zo makkelijk om te verzanden in ‘het kan niet’ en ‘het wil niet’, terwijl men niets doet met de mogelijkheden die er wel zijn.” Het verhaal wat steeds verteld wordt, is dat niemand een lening kan krijgen. Je mag de grond immers niet als onderpand gebruiken, omdat het geen eigendom is. Maar volgens Helmut zijn er zoveel andere mogelijkheden. “Bijvoorbeeld landbouwgeld. Para is enorm vruchtbaar. Of projectfinanciering. Ik heb nog geen enkel plantagebestuur een project zien indienen om zoiets te beginnen op hun plantage.” Het natuurdorp op Para wil Cairo door middel van projectfinanciering van de grond krijgen. “Ik zoek betrouwbare investeerders en subsidies voor natuurbehoud en duurzaamheid. Het wordt een project voor heel Para.
“Boedel dwingt tot samenwerken. En dat is precies wat onze voorouders wilden”, zegt Helmut. Hij vergelijkt de Surinaamse situatie met communal land rights in Afrika. Of met de kibboetsen in Israël.
“Het is een andere manier van denken. Het past niet binnen het rechtssysteem van de Staat, wat toch Westers is. Onze overheid kan zo moeilijk omgaan met het grondenvraagstuk, net als bijvoorbeeld de gronden van Inheemsen of Marrons.” De algemene opvatting over Para is dat er stilstand is of dat alles achteruit gaat. Vaak komt het doordat bewoners in het verleden teleurgesteld zijn. Of ze zien bij andere plantages hoe dingen misgaan en passen er dan wel voor op in dezelfde kuilen te lopen, met het gevolg dat niemand tot actie overgaat. Helmut: “Ik denk niet dat onze voorouders dit hebben voorzien. Ze keren zich misschien wel om in hun graf. Mensen hebben niet door hoeveel ze in handen hebben; wat een potentie deze grond heeft.”

Starnieuws - 9% beroepsbevolking werkt in mijnbouwsector

Starnieuws - 9% beroepsbevolking werkt in mijnbouwsector:

04 Oct, 10:30
f148218c9a532b3f12813796bee6c632.jpg
De economie vertoont een verontrustende scheefgroei. Minder dan 9% van de beroepsbevolking werkt in de mijnbouwsector. Goud, aardolie en bauxiet omvatten ongeveer 94% van de exportwaarde van goederen, bij tijdelijke hoge exportprijzen.

Dit staat in het Ontwikkelingsplan (OP) dat de regering voor behandeling heeft ingediend bij De Nationale Assemblee. Benadrukt wordt dat de grootste groei van de economie zit in de bodem uitputtende mijnbouwsector. De wereldmarktprijzen van deze producten vertonen grote fluctuaties, die nadelig werken voor kleine economieën. "De ervaring leert dat de gevoeligheid alleen kan worden doorbroken door diversificatie en de industriële verwerking van mijnbouwproducten tot eindproduct", aldus het OP.

Geen ideale situatie
Er wordt op gewezen dat de bijdrage van de drie mijnbouwproducten aan de betalingsbalans, het nationale inkomen en het staatsinkomen disproportioneel zijn. Er is een geringe bijdrage aan werkgelegenheid en inkomensverspreiding. De mijnbouw omvat nu 40% van het nationaal inkomen, ruim 80% van het netto deviezeninkomen en ongeveer 40% van de lopende staatsontvangsten. Bij deze grote hap, blijkt dat relatief weinig mensen een baan hebben in deze sector.

In het OP wordt gesteld dat de groei van investeringen en van inkomen de afgelopen decennia overwegend was in niet-duurzame mijnbouw, onder andere vanwege de hoge prijzen van olie en goud. Duurzame productiesectoren zoals agrarische, bosbouw en industrie is volgens het OP verwaarloosd, ondanks het gunstige groeipotentieel. Er zal in de planperiode 2012-2016 veel aandacht worden besteed aan diversificatie van de economie.

Freitag, 30. September 2011

Nationaal - Bouterse maakt grondenrechtenvraagstuk niet tot speerpunt

Nationaal - Bouterse maakt grondenrechtenvraagstuk niet tot speerpunt

Bouterse maakt grondenrechtenvraagstuk niet tot speerpunt

Geplaatst: 30/09/2011

Paramaribo - In tegenstelling tot de vorige jaarrede heeft president Desi Bouterse heel weinig aandacht besteed aan het grondenrechtenvraagstuk. Tijdens de goudconferentie op Snesi kondre in februari beloofde ons staathoofd de aanwezige Boslandcreoolse gemeenschap dat voor eind juni er een conferentie over dit onderwerp zou worden gehouden. Die conferentie is nooit gehouden. Tijdens zijn jaarrede gisteren zei Bouterse dit over grondenrechten: ‘Met betrekking tot het grondenrechten- en boedelvraagstuk wordt op basis van de tot nu toe bereikte resultaten verdere stappen ondernomen om in dit dienstjaar te komen tot een nationale oplossing.’
In de opgelezen tekst komt het woord ‘grondenrechtenvraagstuk’ 1 keer voor. Parlementariër Diana Pokie stond er versteld van. ‘Wij hebben het ook gemist. Kijk we zitten in de regering, misschien heeft de president het gemist, dus we moeten om de tafel gaan. Wij hebben ook vraagtekens. Er komt een gesprek met de regering daarover.’


‘Misschien is men op het goede pad’, zegt Frederik Finisie als DBS hem zegt dat de president hoegenaamd niets over grondenrechten heeft gezegd. ‘De president heeft daarom misschien niets aangehaald. Ik hoop dat zeer binnenkort Hugo Jabini, die belast is met deze zaak, in de DNA zal inkomen, maar ik heb er moeite mee.’ Finisie zegt verder dat dit vraagstuk heel belangrijk is voor de achterban. ‘Ik heb laatst nog iets aangehaald over het dorp Rama. Er zijn palen geplaatst, men geloofde het in het begin niet en zag het als iets klein, maar het is erger dan wat in de krant verscheen. Dus het grondenrechtenvraagstuk is heel belangrijk voor de mensen in het binnenland.’

Gregory Rijssen

Montag, 22. August 2011

Stinasu niet opgewassen tegen goudzoekers - Forget Brownsberg as tourist attraction :: Suriname :: Informationen und Bilder

Stinasu niet opgewassen tegen goudzoekers - Forget Brownsberg as tourist attraction :: Suriname :: Informationen und Bilder

Quelle: De Ware Tijd v. 17.08.2011

Paramaribo - Een goed controlesysteem moet gehouden worden en uitvoerige gesprekken dienen gevoerd te worden om goudzoekers uit het natuurpark Brownsberg te weren. “We hebben het over 12.000 hectare grond. Op deze manier zullen we altijd tegen dezelfde problemen aan blijven lopen.” Frans Kasantaroenoe van Stichting Natuurbehoud Suriname (Stinasu) reageert hiermee op het bericht in de Ware Tijd dat goudzoekers steeds verder de Witikreek optrekken. Hij zegt niet op de hoogte te zijn van (illegale) goudzoekers in het door Stinasu beheerde gebied.


dWTarchief
De hoge goudprijs voedt ook de honger naar dit edelmaat. Goudzoekers deinzen er niet voor terug om tot binnen beschermde gebieden door te dringen om hun honger naar goud te stillen. Stinasu kan niets anders dan erbij staan en toekijken.-.


Paul Ouboter, directeur van de Nationale Zoologische Collectie Suriname, meldde vorige week dat hij gezien heeft dat gouddelvers in een zijtak van de Witikreek, waar veelal toeristen verkoeling zoeken, werkzaam zijn. Een illegale weg zou leiden naar de monding van deze kreek. Kasantaroenoe, die vorige week niet bereikbaar was voor commentaar, is blij dat mensen zoals Ouboter alert zijn. Wel vraagt hij zich af: “Wat gaan we eraan doen?”
Hij vermoedt dat de goudzoekers waar Ouboter op doelt voornamelijk dorpelingen zijn. “Deze moeten zichzelf o­nderhouden en met de huidige, hoge goudprijzen is het moeilijk hen ervan te weerhouden om te mijnen.” Het grootste probleem is nog steeds de controle en dat geldt niet alleen voor het Brownsberggebied, stelt de Stinasu directeur. “We zijn aan handen en voeten gebonden. De ene dag kan de politie de goudzoekers wel verwijderen, een dag later zitten ze er weer. Dweilen met de kraan open.”
Bij de totstandkoming van de Brokopondoovereenkomst tussen Suriname en Suralco zijn bij het verwezenlijken van het stuwmeer concessies aan moederbedrijf Alcoa uitgegeven, zoals het Nassau- en het Lelygebergte en de Brownsberg. De gesignaleerde goudmijnwerkzaamheden vallen volgens Ouboter haast zeker buiten het concessiegebied. De problemen rond goudzoekers bij Brownsberg spelen al vele jaren. “Mensen zijn o­nverantwoordelijk bezig, deze omgeving is gereserveerd voor natuurgebied. o­ndanks de weinige mogelijkheden die Stinasu tot zijn beschikking heeft, wil de directeur deze zaak als aanleiding gebruiken voor nieuwe gesprekken. “Als blijkt dat de uitingen van Ouboter gegrond zijn, moeten we wederom tot actie overgaan.”
Hierbij zouden ook de bewoners van het natuurgebied betrokken moeten. “Er moet hen alternatieven geboden worden. Tot die er zijn levert het hen veel te veel op om het zoeken naar goud te staken.” In 2010 is al eens gesproken met de dorpelingen toen zij een deel (1.000 hectare) van het natuurgebied wilden verkrijgen om daar goud te zoeken. Hiervan was Stinasu toen geen voorstander. Kasantaroenoe wil dat er afspraken gemaakt worden met de dorpelingen om het natuurpark niet in te gaan en dat een goed controlemechanisme wordt ingesteld.
Sinds begin dit jaar is de regering bezig met het registreren van goudzoekers. Tijdens een goudconferentie in februari van dit jaar is afgesproken uiterlijk in juni een grondrechtenconferentie te organiseren om de goudsector te ordenen.
Deze is echter uitgesteld tot oktober omdat de voorbereidingen hiervoor meer tijd in beslag nemen dan bedacht.-.


Anmerkung: When you could hear the impressive sound of howling monkeys in the past o­n the Brownsberg you now are teased by machine noise of gold hunters in this most visited surinamese nature reserve. It´s worthless for tourists to go there. What a shame for Suriname´s image as natural Paradise.

Freitag, 5. August 2011

Eind 2012 definitief ban op kwik :: Suriname :: Informationen und Bilder

Quelle: De Ware Tijd v. 05.08.2011

Paramaribo - Eind 2012 wordt het gebruik van kwik in de goudsector definitief in de ban gelegd. Dit statement maakt de voorzitter van het beleidsteam ‘Ordening Goudsector’, Melvin Linscheer, in een interview met de krant. Zijn team heeft uitgerekend dat er anderhalf jaar nodig is om de totale sector op deze maatregel voor te bereiden.


Linscheer is optimistisch op de slagingskans van de operatie. In de meeste goudvelden wordt kwik in grote hoeveelheden gebruikt. Tonnen van deze voor het milieu schadelijke grondstof, wordt jarenlang illegaal het land binnengebracht. “Als iedereen meegaat met de gedachtegang, moet dit niet moeilijk zijn”, redeneert Linscheer die uitlegt dat internationaal het gebruik van kwik steeds meer o­nder druk komt te staan. Uiteindelijk worden de regels zodanig aangescherpt, dat internationaal geen goud meer zal worden gekocht van landen waar het gebruik van kwik niet aan banden is gelegd. Het gebruik van deze stof is in Suriname reeds vele jaren verboden. “Wat er gebeurt, is dat er een gedoogbeleid wordt gevoerd, maar daar komt een einde aan”, benadrukt Linscheer. Alle kwik dat nu buiten de medische sector wordt gebruikt, is het land binnengesmokkeld. o­nlangs is de sector op de hoogte gebracht, dat langzamerhand het gebruik van kwik naar een nulpunt zal worden gebracht.



Het is in verband met dit voornemen dat binnenkort een beurs wordt gehouden om o­nder meer nieuwe wintechnieken aan de sector voor te houden. Linscheer: “En daarom komt ook op Maripaston een model hoe duurzamer goud te winnen.”
Dit project wordt gezien als een tussenstap om het uiteindelijke doel te bereiken. Immers zal te Maripaston nog wel gewerkt worden met kwik, maar dan wel volgens het systeem waarbij met een retort het kwik wordt opgevangen. De laatste stap is het volledig kwikvrij werken in de sector. Linscheer betoogt dat de commissie weet dat de nieuwe apparatuur duurder is dan waarmee nu in de sector wordt gewerkt. Daarom wordt naar financieringsmogelijkheden omgekeken, waardoor iedereen uit de sector de nieuwe apparatuur kan aanschaffen. Hij geeft aan dat verschillende redenen maken dat haast gezet moet worden achter de plannen. Los van de volksgezondheid, komt ook dat van de export van vis en de plannen om water te exporteren o­nder druk te staan. “Denk je dat landen o­nze producten gaan kopen als bekend is dat er gevaar is wanneer deze producten gecontamineerd zijn?”, vraagt Linscheer zich af. Hij geeft aan dat Suriname uiteindelijk geen keus zal hebben dan mee te lopen met de nieuwe trend. “Uiteindelijk zullen we op duurzame wijze moeten produceren en dat we ook kunnen zeggen dat we ‘green gold’ produceren”, aldus een zichtbaar optimistische Linscheer.-.:


Anmerkung: It´s ridicolous to point out, that import and use of mercury is illegal in Suriname. You can get this strong poison everywhere. Since 2008 it´s known that whole villages in the interior are contaminated. There was and is no reaction of the Surinamese government to help the Wayana people in Apetina who are poisoned to 100 percent. Watch these videos:
Kwik in Suriname

Kwik in Suriname
http://vimeo.com/album/862212

About this album:
"Kwik in Suriname"


Freitag, 24. Juni 2011

Starnieuws - Aanbevelingen rapport vliegramp Lawa-Antino vragen om directe actie

Starnieuws - Aanbevelingen rapport vliegramp Lawa-Antino vragen om directe actie
Aanbevelingen rapport vliegramp Lawa-Antino vragen om directe actie
24 Jun, 03:00
c3dd2a98e15b03986a6abc11c7e84141.jpg
Chandrikapersad Santokhi donderdag in De Nationale Assemblee. (Foto: Ramon Keijzer)
De aanbevelingen in het rapport van de vliegramp te Lawa-Antino in 2008 met een toestel van vliegmaatschappij Blue Wing, vragen om meteen uitgevoerd te worden. Gebeurt dat niet, dan bestaat het gevaar dat veel meer crashes zullen plaatsvinden met vliegtuigen die diensten onderhouden naar het binnenland.

Het rapport is vernietigend voor alle vliegmaatschappijen die deze diensten onderhouden. Het rapport is nadat het enkele weken is afgerond, gisteren voor het eerst openbaar gemaakt door Chandrikapersad Santokhi (Nieuw Front/VHP). Het verwondert hem dat de aanbevelingen niet zijn opgenomen in de begroting van het ministerie van Transport, Communicatie en Toerisme (TCT), die nu in behandeling is in het parlement.

Onbekwame piloten
Het rapport is opgemaakt door een onafhankelijke commissie, onder leiding van advocaat-generaal Roy Bainath Panday van het parket van de procureur generaal. Het rapport ontziet niemand. De meest dringende aanbeveling is dat het ministerie van TCT via Casas als waakhond van de luchtvaart, meteen ingrijpt. Het onderzoek naar de vliegramp heeft uitgewezen dat de maatschappijen diensten onderhouden met het inzetten van beperkt bevoegde piloten. De meesten hebben geen opleiding gevolgd in crew resource management. Bij vluchten worden er geen passagiers manifesten opgemaakt, terwijl het op alle niveaus helemaal niet serieus wordt genomen met de veiligheid. Ook wordt geen gebruik gemaakt van informatie recorders.

De vliegmaatschappijen houden zich volgens het rapport niet aan de wettelijke vereisten om hun personeel op te leiden. Ook de beheerders van vliegvelden wordt verweten geen vereiste competentie te hebben. De meeste vliegvelden verkeren niet in een goede staat. “Deze dingen moeten meteen uitgevoerd worden”, zegt Santokhi. Hij vindt dat het ministerie van TCT nog voor het einde van de begrotingsbehandeling met en nota van wijziging komt waarin de aanbevelingen staan aangegeven. Het rapport beveelt verder aan dat piloten die niet volledig bekwaam zijn in kaart worden gebracht en verboden worden vliegdiensten te onderhouden. De inspectie van Casas zal niet incidenteel, maar periodiek moeten zijn.

Eerder geen aandacht
Parlementariër André Misikaba zegt dat hij de afgelopen vijf jaar in het parlement vaker gewezen heeft op de onveilige situatie bij de vliegdiensten in het binnenland. “Eindelijk wordt het nu bevestigd”. Echter verwijt Misiekaba Santokhi ervan eerder geen aandacht te hebben besteed aan de veiligheid in de luchtvaart en nu de regering beschuldigt deze kwestie niet opgenomen te hebben in de begroting.

Ronnie Brunswijk (fractieleider AC/Abop) die voorzitter is van de vaste commissie van TCT, zegt dat er dagelijks ruim 70 vluchten naar het binnenland worden uitgevoerd. Hij en Misiekaba zeggen dat er wel vaker ongelukken plaatsvinden die niet worden gemeld, juist omdat deze veiligheidsaspecten, zoals in het rapport aangehaald, ontbreken. Brunswijk zegt dat mondeling akte van wijziging verleend moet worden aan TCT om deze kwestie op te brengen in de begroting.

(Wilfred Leeuwin)

Samstag, 18. Juni 2011

Drugsgebruik jongeren binnenland verontrustend

NoSpang - Suriname Network Online

Paramaribo - Het gebruik van marihuana in het binnenland onder jongeren is een zeer zorgwekkende situatie voor het drugsafkickcentrum De Stem. Directeur Carlo Lansdorf zegt desgevraagd dat de meeste jongeren die hij in het binnenland is tegengekomen marihuana, die ter plekke wordt geteeld, gebruiken. Hij geeft aan dat leden van de Stem vaker naar het binnenland ...

gaan voor drugsvoorlichtingswerk. Volgens Lansdorf maakt het ontbreken van de politie in het binnenland dat de jongeren het als een legale zaak zien om marihuana te gebruiken. “We proberen mensen wijs te maken dat het gebruiken van marihuana illegaal is.”

Dat jongeren het marihuanagebruik als legaal ziet, vindt de directeur geen goede ontwikkeling voor de gemeenschap. Volgens hem gebruikt maar een klein deel van de jongeren geen marihuana. Omdat De stem niet over voldoende middelen beschikt, kan het niet vaker naar het gebied gaan om de gemeenschap in het binnenland voor te lichten.

Het vermoeden bestaat dat marihuana wordt geteeld in het Boven-Suriname en Boven-Marowijnegebied. Lansdorf heeft ook een achterstand in ontwikkeling in het binnenland opgemerkt. Hij vindt dat die achterstand ingelopen zal moeten worden. Ook is de politie in het gebied nodig om daar op te treden. Volgens Lansdorf zal de regering meer geld beschikbaar moeten stellen voor drugsbestrijding.